terug
(IDSN, 25-11-2016)

International Dalit Solidarity Network tijdens overleg VN anti-racisme organisatie met maatschappelijk middenveld:

Sla handen ineen voor beëindiging rassendiscriminatie


Op 23 november 2016 was er een overleg tussen de Commissie voor Uitbanning van Rassendiscriminatie (CERD) en maatschappelijke organisaties, “over hoe de handen ineen te slaan om rassendiscriminatie te beëindigen”. Doel was na te denken over de manier waarop het Internationaal Verdrag inzake de Uitbanning van Rassendiscriminatie bijdraagt aan en verschil maakt in de strijd tegen rassendiscriminatie en om inzichten bijeen te brengen over hoe haar betrokkenheid met het maatschappelijk middenveld te verbeteren en bevorderen.


Bakhta Bishwakarma legt als vertegenwoordiger van IDSN en NNDSWO een verklaring af tijdens het CERD-overleg. Foto: Deepak Nikarthil
Voorafgaand aan de overlegbijeenkomst legde IDSN, samen met Nepal National Dalit Social Welfare Organization (NNDSWO) en Dalit Solidarity Network UK, aan CERD een reactie op haar vragen voor. Die bijdrage belichtte enkele van de uitdagingen waarmee organisaties worden geconfronteerd die zich inzetten voor de rechten van Dalit-gemeenschappen, en bevatte positieve aspecten van de samenwerking met CERD en suggesties voor verbetering.
ISDN kwam naar het overleg met twee vertegenwoordigers van bij haar aangesloten organisaties: Deepak Nikarthil van de National Campaign on Dalit Human Rights (NCDHR) en Bakhta Bishwakarma van NNDSWO.

Uitdagingen en inspanningen
Aan het begin van de bijeenkomst presenteerde een CERD-lid, Verene Albertha Shepherd, de belangrijkste bevindingen uit de bijna 50 inzendingen van maatschappelijke organisaties. Daaronder onder meer de uitdagingen waar het maatschappelijk middenveld mee te maken heeft bij haar inspanningen om rassendiscriminatie te elimineren, zoals gebrek aan bewustzijn onder de gediscrimineerde gemeenschappen van hun mensenrechten, een ontkenning van rassendiscriminatie, een gebrek aan gegevens en nationale wetten ter bescherming van minderheden, de samenhang tussen ras en armoede en de toename van de haatdelicten. Een ander CERD-lid noemde een aantal groepen die slachtoffer zijn van rassendiscriminatie: mensen van Afrikaanse afkomst, Dalits, Roma, immigranten, vluchtelingen en asielzoekers.

CERD nodigde maatschappelijke organisaties uit om deel te nemen en verklaringen af te leggen. Vertegenwoordigers van die organisaties stelden diverse kwesties aan de orde en kwamen met aanbevelingen. Onder hen Deepak Nikarthil, die namens IDSN en NCDHR verklaarde dat rassendiscriminatie vaak samengaat met een vorm van uitsluiting, en dat daarom ook kastendiscriminatie moet worden inbegrepen. Hij uitte zijn bezorgdheid over de geringe wereldwijde erkenning van de Algemene Aanbeveling 29 van CERD, over de meervoudige discriminatie van Dalit-vrouwen in India en over de gebrekkige manier waarop wetgeving die kastendiscriminatie verbiedt wordt uitgevoerd.

Geen wettelijke bescherming in VK
Anti Caste Discrimination Alliance benadrukte dat het Verenigd Koninkrijk nog steeds geen wettelijke bescherming kent tegen kastendiscriminatie, ondanks de CERD aanbevelingen. Een panellid van het overleg, Claire Thomas van Minority Rights Group International, kwam met de specifieke aanbeveling aan CERD om ervoor te zorgen dat etniciteit opgenomen wordt in de indicatoren van de SDG’s (Duurzame Ontwikkelingsdoelen), zodat verschillende groepen, zoals ook zij die gediscrimineerd worden op grond van kaste, in beeld komen.

Bakhta Bishwakarma, vertegenwoordiger voor IDSN en NNDSWO, sprak over kastendiscriminatie in Nepal. Hij beschreef het verzuim van de Nepalese regering om al sinds 2002 te rapporteren aan CERD hetgeen de interacties tussen het maatschappelijk middenveld en CERD bemoeilijkt. Hij stelde aan CERD voor om nieuwe manieren te overwegen voor de omgang met het maatschappelijk middenveld, onafhankelijk van de overheidsrapportages, en om de landen ertoe te bewegen nationale actieplannen te ontwikkelen en daadwerkelijk uit te voeren om rassendiscriminatie aan te pakken.

De CERD-voorzitter, Anastacia Crickley, besloot de bijeenkomst met alle deelnemers te bedanken voor hun verklaringen en aanbevelingen, en verzekerde dat, hoewel niet alle voorstellen onmiddellijk zouden worden uitgevoerd, ze zorgvuldig zullen worden overwogen bij het beoordelen hoe staten hun verplichtingen al dan niet nakomen.


Meer informatie:




[vertaling: LIW]


laatste wijziging: